Home › Classificatie van creditcardfraude

Classificatie van creditcardfraude

Internationaal wordt creditcardfraude in vijf groepen ingedeeld, van onderschepte post tot bestellingen op internet.

Creditcardfraude wordt internationaal ingedeeld in vijf groepen: niet ontvangen kaarten, verlies en diefstal, valse kaarten, valse aanvragen en card-not-present-fraude.

Niet ontvangen creditcards

De meeste issuers verzenden hun creditcards per post naar de kaarthouders. Het komt voor dat criminelen erin slagen creditcards te bemachtigen voordat die in het bezit van de kaarthouder komen. Internationaal heet deze categorie never received of intercepted.

Verlies en diefstal

Bij lost of stolen creditcards is de kaarthouder veelal slachtoffer van zakkenrollerij. Vervolgens vinden er, vóór blokkering van de creditcard, online of offline transacties plaats. Het tijdvenster tussen diefstal en blokkade bepaalt de schade.

Valse creditcards

De meeste kaarten worden vervalst door magneetstripgegevens van een echte creditcard te kopiëren, buiten medeweten van de kaarthouder. Zie skimming.

Bij een geheel valse creditcard is bijna altijd de complete magneetstrip gekopieerd. Dat heet total skimming. Omdat de meegekopieerde veiligheidskenmerken meelopen, geeft de elektronische controle een akkoord. De acceptant kan in beginsel op grond van fysieke controle vaststellen dat de creditcard vals is.

Valse aanvragen

Identiteitsdiefstal komt in Nederland steeds vaker voor. Veelal wordt informatie uit brievenbussen gehengeld of worden bestanden uit computersystemen gehackt. Die gegevens worden gebruikt om een bestaande identiteit over te nemen of een nieuwe identiteit te creëren. Zie fraudulent application.

Card-not-present

Card-not-present-fraude (CNP) ontstaat bij bestellingen per post, telefoon of via internet waarbij onder andere een creditcardnummer wordt opgegeven, terwijl de goederen of diensten niet door de rechtmatige kaarthouder zijn besteld.

Phishing is het ontfutselen van informatie over bijvoorbeeld creditcards en pincodes via valse e-mails, websites of telefoongesprekken.

Waar in de keten de fraude ontstaat

De vijf groepen verschillen vooral in het moment waarop de fraudeur ingrijpt. Bij niet ontvangen kaarten en bij valse aanvragen gebeurt dat vóór de eerste transactie: de kaart is echt, de kaarthouder niet. Bij verlies, diefstal en vervalsing gebeurt het daarna: de kaarthouder is echt, de gebruiker niet.

Card-not-present staat daar los van. Daar is de kaart zelf helemaal niet in het spel, alleen de gegevens ervan. Dat is de reden waarom maatregelen aan de kaart — een chip, een hologram, een handtekeningstrook — er geen effect op hebben.

Wie de schade draagt

De indeling bepaalt mede bij wie de rekening terechtkomt. Bij een transactie waarbij de kaart aanwezig was en correct is uitgelezen, ligt het risico doorgaans bij de issuer. Bij card-not-present zonder authenticatie schuift dat risico naar de acceptant. Zie liability shift.

Waarom het uitmaakt

De indeling is geen boekhoudkundige exercitie. Elke groep vraagt een andere maatregel: een chipkaart helpt tegen skimming, een identiteitscontrole tegen valse aanvragen, en 3D Secure tegen card-not-present. Wie de verkeerde maatregel neemt tegen de verkeerde groep, betaalt twee keer.

Benieuwd wat er in uw betalingsverkeer te halen valt?

Een eerste gesprek is vrijblijvend. Daarna weet u of er genoeg te winnen is om een traject te starten.